Maak kennis met de egel

De Europese egel (Erinaceus europaeus)  is een klein solitair levend zoogdiertje met een spitse snuit en korte pootjes. Egels zijn voornamelijk in de schemering en ‘s nachts actief.

Egels wegen tussen de 800 en 1200 gram en zijn gemiddeld tussen de 18 en 30 centimeter lang. Een egel heeft tussen de 7000 en 8000 stekels, deze stekels gaan ongeveer 18 maanden mee. Als hij zich bedreigd voelt, dan rolt de egel zich op tot een stekelige bal. En hoewel egels en stekelvarkens allebei stekels hebben, zijn ze geen familie van elkaar: egels zijn insecteneters, stekelvarkens zijn knaagdieren.

Naast horen, zien, ruiken, proeven en voelen hebben egels - net als sommige andere zoogdieren en reptielen - een zesde zintuig: het orgaan van Jacobson. Het ligt tussen hun gehemelte en neusholte en dient om heel nauwkeurig nieuwe geuren te onderzoeken en leren herkennen. 

Voedsel 

De hoofdmaaltijd van een egel bestaat uit insecten en slakken maar ook uit kleine diertjes zoals bijvoorbeeld muizen of kikkers. De egel doet zich soms ook te goed aan paddenstoelen en gevallen of rottend zoet fruit, al is dit niet goed voor de spijsvertering van de egel. Melk en resten van menselijke etenswaren zijn ongezond voor de egel. Wil je de egel in jouw tuin bijvoederen? Ga dan op zoek naar speciaal egelvoer. 

Woonplaats 

De egel komt bijna overal voor maar heeft een voorkeur voor plekken met veel lage planten zoals struiken, houtkanten, bosranden, ... Parken en tuinen met een natuurlijke begroeiing zijn ideale woonplaatsen voor egels. Staat er een schutting tussen jouw tuin en die van de buren? Overweeg dan de aanleg van een zogenaamde egelwegel, een gat onder de schutting waardoor de egel makkelijk van ene tuin naar de andere kan komen. 
Kleine sloten vormen meestal geen barrière voor egels, maar in vijvers of zwembaden verdrinken ze vanwege de steile kanten.  

Levenscyclus

De levenscyclus van de egel kan worden opgedeeld in vier perioden. Lees er meer over via deze link.

Naar top